Woordenlijst:
hier zijn de woorden verzameld die in de Vahini's op deze
site door Sai Baba zijn uitgelegd aangevuld met
woordbetekenissen uit het S'rîmad Bhâgavatam
en Bhagavad Gîtâ.
|A|B|C|D|E|F|G|H|I|J|K|L|M|N|O|P|QR|S|T|U|V|W|XYZ|
Deze
lijst in het Engels
E
- Easwaramma
Raju
(1890-1972): De moeder van Sathya Sai
Baba
- Ego:
Als we voortdurend in de weer zijn terwille
van het materiële lichaam en daarbij het
belang van God verwaarlozen, zijn we
egocentrisch bezig, zelfs als we
materieel voor anderen zorgen. Het
ego dat we vals noemen als het berust op
identificatie met de materie, kenmerkt zich
door de illusies van ik en mijn, waardoor men
noch in de geest, noch stoffelijk in staat is
te delen met anderen. Daardoor beseft men
niet zijn oorspronkelijke staat: die van
verbondenheid met God. Valse ego, onze
gehechtheid aan het lichaam.
Het bewustzijn van een zelf. Het begrip van
een ik. Het wordt onderscheiden van een ziel
als potentiëel zijnde zonder een
geweten. Het wordt vaak vals genoemd als het
geïdentificeerd is met materie. Het ware
van het ego is gevonden in de zelfrealisatie
van ziel die rijpt naar
zelfverantwoordelijkheid niet langer
afhangend van gezag van buitenaf. Het is de
zetel van de angst daar de geneigdheid zich
te identificeren met de materie de garantie
is voor mislukking aangezien niets
materiëels zijn vorm voor eeuwig
behoudt. De notie van een superego heeft
betrekking op een sociale konstruktie van
gedragsregels die de maatschappelijke
werkelijkheid moet
definiëren.
- Ekadâsi:
iedere elfde dag na de nieuwe en volle maan
vast de vaishnava van granen en bonen en
chant hij/zij. De moderne medische wetenschap
bevestigt dat regelmatig vasten, of
systematische honger iemands levensduur
verlengt. Zie ook 8.16:
payo
vrata, het vasten van vast voedsel als de
beste van alle offers.
- Ekagrata:
Concentratie op één punt
van aandacht (PV-3)
- Ekam
sat; viprah bahudha
vadanti:
(oorspronkelijke tekst uit de
Rig
Veda):
'Er is slechts Eén; de wijzen noemen
Het bij vele namen' (SSV-3) 'Er
is maar één waarheid: De mens
omschrijft het op verschillende
manieren'.
- Elementen,
de vijf:
Akasha, Vayu, Agni, Jalam en Prithvi, die we
kennen als ether, lucht, vuur, water en
aarde. (Prasn-1).
Elementen:
water, vuur, aarde, lucht en ether. In
ruimere zin spreekt men ook wel van 16
elementen samen met het verstand en de 10
werkende en de
waarnemende
zinnen. Ook zijn er indelingen met 24 of 25
elementen: de grofstoffelijke elementen, de
fijnstoffelijke elementen (de vijf objecten
van de zinnen: geur, kleur, aanraking en
geluid), de tien zinnen van waarnemen en
handelen, geest, intelligentie, ego en
bewustzijn met het element van de tijd als
het vijfentwintigste element.
-
S'rîla
Prabhupâda, betekenis verklaring
SB
10.13: 52:
'De vierentwintig elementen zijn de vijf
werkende zinnen (pan'ca- karmendriya), de
vijf zinnen voor het verkrijgen van kennis
(pan'ca-jn'ânendriya), de vijf
elementen van de grove materie
(pan'ca-mahâbhûta), de vijf
zinsobjecten (pan'ca-tanmâtra),de geest
(manas), het valse ego (ahankâra), de
mahat-tattva, en de materiële natuur
(prakriti). Alle deze vierentwintig elementen
zijn betrokken bij de manifestatie van deze
materiële wereld'.
Elemenden,
de acht:
Van
dit alles wordt de vorm van de Allerhoogste
Heer, gekend in de acht elementen [van
aarde, water, vuur, lucht, ether, geest,
intelligentie en vals ego] van al de
werelden en wat erbij hoort, die een
onbeperkte materiële uitwendige
bedekking vormen SB
2.10:33.
- Emancipatie:
het
proces van de geleidelijke verheffing van of
bevrijding in dienst aan de ziel.
Materiëel bezien betekent het een
gelijke te worden overeenkomstig een zekere
standaard van beschaving. Spiritueel heeft
het betrekking op het proces van geleidelijke
bevrijding beginnend met luisteren, praten en
herinneren eindigend in vriendschap en ten
slotte overgave aan de diktaten van de
ziel.
|